Psychedelische Muze 1


Dit is al weer de zevende bundel in een reeks van spraakmakende poëzie.
Gedichten van deze tijd en tegelijkertijd tijdloos met illustraties die er niet om liegen.

In aanvang slechts bedoeld als sfeerschetsen, waarin de dichter weergeeft hoe hij wordt geraakt door situaties, is het langzaam maar zeker doorgegroeid naar een dagboek van vele levens, zoals de dichter het noemt.
Hij stapt even aan de kant voor zover het de tijd betreft en laat de gedichten komen vanuit diverse tijdinvalshoeken.

Daarmee zegt hij: wie ik gisteren was, ben ik nu niet meer.
Wie ik vorig jaar was, ben ik ook niet meer. Wie ik in een vorig leven was, ben ik ook niet meer, maar al deze invalshoeken bepalen wel mijn perceptie, die ook weer van moment tot moment verandert.

Soms, teruglezend, zegt hij: wie heeft dit nou geschreven en dat gemijmer levert dan ook weer stof op voor nieuwe gedichten.

Het komt erop neer, dat hij stelt:
gedichten schrijven zichzelf, dus kan ik er achteraf ook mateloos van blijven genieten.

Centraal in zijn belangstelling staat de liefde voor de natuur, waar hij als kind altijd te vinden was en zijn grenzeloze passie voor het vrouwelijk lichaam; dat is de mooiste vorm, die ooit de scheppingsfabriek verliet, vindt hij

Een warme aanrader, deze nieuwe bundel!
Steeds scherper en direkter in woord en beeld